Biografie von Isidor de Vries, Henrietta Helena de Vries-Vecht und Charles de Vries
Isidor de Vries wordt op 20 september 1876 in Zevenbergen geboren. Henriëtta Helena Vecht is op 27 januari 1890 geboren in Elburg, een dorpje in de buurt van Zwolle. Haar vader, Jacob Vecht, is koopman, slager en winkelier van beroep.
Isidor en Henriëtta trouwen op 8 juni 1925 in Zwolle. Ruim twee jaar later, op 25 november 1927, wordt er een zoon geboren. Ze noemen hem Charles.
In 1933 verhuist Isidor, die koopman van beroep is, met zijn gezin van Zwolle naar Eindhoven. Ze wonen eerst in de Amalia van Anhaltstraat 17. In 1935 verhuist het gezin naar de Willem de Zwijgerstraat. Dit is hun laatste officiële woonadres; tijdens de oorlog moeten ze van de autoriteiten hun huis in de Willem de Zwijgerstraat verlaten en in gaan wonen bij de familie Braaf in de Verwerstraat 96.
Zoon Charles zit dan op het Joods Lyceum in Den Bosch.
Ter voorbereiding van de onteigening van joods onroerend bezit wordt het pand van Isidor de Vries aan de Willem de Zwijgerstraat 30 in augustus 1941 ondergebracht bij de Stichting Niederländische Grundstückverwaltung. Op 14 oktober 1943 wordt de woning aan een particulier verkocht.
Het gezin De Vries is dan al dood. Ze zijn een half jaar eerder, op 9 april 1943, in Westerbork aangekomen. Van daaruit zijn ze op 13 april 1943 naar Sobibor gedeporteerd.
Isidor de Vries, Henriëtta Helena de Vries-Vecht en hun vijftienjarige zoon Charles, zijn op 16 april 1943 in Sobibor vermoord.
Medien
Fotos
Kostenlos dank Ihrer Hilfe
Diese Biografie ist frei zugänglich. Wenn Ihnen der Stolpersteine Guide gefällt, freuen wir uns über einen kleinen Beitrag.
Stolpersteine in der Nähe
Max Rudolf Cohn50 m
Jetta Cohen-Kan80 m
Adalbert Mayer80 m
Agathe Bock150 m
Meijer Blomhoff150 m
Abraham Mozes Noach180 m
Quellen & Impressum
Stichting 18 September / Struikelstenen Eindhoven
In Eindhoven is het initiatief genomen om de 274 in de tweede wereldoorlog omgebrachte joodse inwoners van de stad te herdenken. Hierbij zullen kleine herdenkingstenen, zogenaamde struikelstenen, geplaatst worden in het trottoir bij de woning waar de slachtoffers woonden. Hierop staat de naam van het slachtoffer, de overlijdensdatum en de naam van het concentratiekamp. Op deze wijze wordt de herinnering aan deze gruwelijke vervolging in de tweede wereldoorlog levend gehouden en geven we de slachtoffers een naam.